25 843

Tussen dinsdag 4 augustus 1942 en maandag 31 juli 1944 werden 25 490 Joden en 353 Roma en Sinti in 28 treintransporten vanuit de Dossinkazerne in Mechelen naar Auschwitz-Birkenau gedeporteerd. Slechts 1 251 van hen overleefden de nazi-kampen.

Over deze slachtoffers spreken we vaak in statistieken: 6 miljoen vermoorde Joden, bijna 26 000 gedeporteerden, 5% overlevenden. Maar achter elk cijfer klopt een hart, schuilt een mensenleven. Zoveel mensen, zoveel namen. Het is nauwelijks te bevatten. Wie herinnert deze mensen nog? Wie staat even stil bij hun leven? Het waren mensen zoals jij en ik. Alles werd hen afgenomen: hun plaats in de maatschappij, hun bezittingen, hun naam, hun geliefden, hun leven, een laatste rustplaats. Elk spoor van hun bestaan werd gewist. Omdat ze Joden, Roma en Sinti waren.

Elke naam telt In het museum Kazerne Dossin loopt sinds 4 oktober 2023 het unieke herdenkingsproject onder de veelzeggende banner Elke naam telt. Het museum zoekt 25 843 deelnemers om elk één naam van één gedeporteerde in te lezen. De toewijzing van de naam gebeurt op basis van een gemeenschappelijke voornaam, geboortedatum of leeftijd. Zo ontstaat een persoonlijke connectie tussen iemand van nu en een gedeporteerde van toen. Alle ingelezen namen zulle n weerklinken in het Memoriaal. Het Memoriaal bevindt zich in de Dossinkazerne, de plaats waar de Joden, Roma en Sinti verzameld, geregistreerd en uiteindelijk gedeporteerd werden. Dit project is dan ook veel meer dan het louter registreren van de 25 843 gedeporteerden. Het is een erkenning van hun mens-zijn, want op de plaats waar hun naam toen werd afgenomen, krijgen ze nu hun naam van ons terug.

Een fractie van de 25 843 namen.

We weten precies wie uit de Dossinkazerne is vertrokken, en wanneer. Dat is bijzonder. Voor elk transport werd in viervoud een gedetailleerde transportlijst opgesteld met de persoonlijke gegevens van elke gedeporteerde: naam, voornaam, geboortedatum, geboorteplaats en beroep.. Bij hun chaotische vertrek op 3-4 september ‘44 hadden de Duitsers niet de tijd om de archieven van de Dossinkazerne te vernietigen. Op dat moment verbleven nog zo’n 600 Joden in de kazerne, klaar voor deportatie. Een van hen kreeg de opdracht om alle archieven te vernietigen. Dat heeft hij gelukkig niet gedaan.
Deze transportlijsten hebben ook een grote emotionele waarde. De meeste gedeporteerden werden immers onmiddellijk vergast in de gaskamers van Birkenau. Zij werden niet meer geregistreerd in de kampen van Auschwitz. De registratie in de Dossinkazerne was voor deze mensen dan ook de allerlaatste keer dat zij hun naam luidop konden uitspreken. Daarna werden ze definitief een transportnummer voor een specifiek transport, bijvoorbeeld nummer 890 van transport XVII.

De originele transportlijst van transport XVII met gedetailleerde gegevens van de gedeporteerden.
Bron: beeldbank van Kazerne Dossin

890\VXII Transportnummer 890 van transport XVII, dat is Sigismund Apfelbaum. Ik heb deze naam ingelezen voor het project Elke naam telt. We delen dezelfde geboortedatum. Sigismund werd in Antwerpen geboren op 29 juni 1941. Samen met zijn mama Zseni, zesjarige zusje Augusta en vierjarige broertje Alexander werd hij op 31 oktober 1942 met transport XVII gedeporteerd naar Auschwitz-Birkenau. Bij aankomst werd hij met zijn zus, broer en moeder onmiddellijk vergast. Hij was toen een peutertje van amper 16 maanden.

Het portret van Zseni Herskovics, mama van Sigismund.
Bron: beeldbank van Kazerne Dossin

Kleine Sigismund. Wie ben jij? Er is geen foto van jou. Misschien heb je wel de trekken van jouw mooie mama wiens portret we wel hebben. Je kon vast al stappen, misschien nog af en toe een beetje wankel. Ging je nieuwsgierig op verkenning, maar daarna altijd recht naar mama’s warme armen? Kon je ook al enkele woordjes brabbelen?
Hoe werd jij gearresteerd? Wisten ze waar jij woonde, of werd je verklikt? Hoorde jij de beangstigende klop op de deur? Hoe moet het voor jou geweest zijn? Met vele tientallen anderen in een kleine derdeklaswagon* voor een slopende reis van 1200 kilometer en 3 lange dagen naar een onbekende eindbestemming. Er werd jullie niks verteld. Waren er toen al geruchten over vreselijke kampen in het oosten? Heb je iets kunnen zien uit het kleine raampje onderweg naar de dood? Dorpen, velden en bossen gleden aan jou voorbij. Zat je op mama’s schoot, dicht tegen haar aan, met jouw duimpje in de mond – want mama zou jou toch altijd beschermen? Heb je gehuild van vermoeidheid, van honger en dorst, van angst, en heeft mama jou kunnen troosten?
Op het overvolle perron met uitgeputte kinderen, vrouwen, mannen en ouderen in het station in Auschwitz wachtte jouw doodvonnis: recht naar de gaskamer. Zat je op weg naar de dood op mama’s armen, of trippelde je tussen jouw broertje en zusje? Je zou een douche krijgen, zeiden ze, om te ontluizen. Daar ben je dan, een dreumes, helemaal naakt, tussen al die anderen, volwassenen, ook naakt. Waar blijft het verkwikkende water? En dan ineens komt het: geen water maar Zyklon B, een gif voor ongedierte. Binnen de 40 seconden was je bewusteloos, binnen de 2 minuten stopte jouw hartje met kloppen.
Je moet doodsangsten gevoeld hebben, ook van iedereen rond jou.
Heb je ooit kunnen bevatten wat er allemaal gebeurde?
Sigismund.

Biij de opname las ik driemaal zijn naam in: Sigismund Apfelbaum, 1 jaar. Bij de derde keer stokte mijn stem, want lieve kleine Sigismund, hoe wreed hebben ze jou behandeld. Omdat je Joods was. Omdat je klein was. Omdat je voor hen niets waard was.

*Latere transporten gebeurden met goederenwagons.

2 thoughts on “25 843

Leave a comment